Voor alle betrokkenen

Doodslag in het verkeer (art. 287 Sr)

Als je deelneemt aan en in het verkeer, loop je risico’s.

Het kan gebeuren dat je betrokken raakt bij een verkeersongeval. Dat kan door eigen schuld of door een fout van een medeweggebruiker.
Als het een verkeersongeval betreft met dodelijke afloop, is er een kans dat jij als bestuurder, wordt aangehouden.
In bepaalde gevallen betreft dit een verdenking van het veroorzaken van een verkeersongeval met zwaar lichamelijk letsel, of dood door schuld tot gevolg, artikel 6 van de Wegenverkeerswet.
Dit artikel kent wel een tweedeling. Deze bestaat uit zwaar lichamelijk letsel. Dan hebben we het over 6 of meer weken herstel of uit de running zijn of de dood.
Ook moet er sprake zijn van verwijtbaarheid. Dit wil zeggen, heel snel optrekken, met de telefoon bezig zijn, een kruising zonder te kijken oprijden, door een rood verkeerslicht rijden. Het kan zelfs zo zijn dat als je tegen de zon in rijd en je gebruikt geen zonneklep of je draagt geen zonnebril, dit als verwijtbaar wordt gezien.
Als de politie vermoedt dat er opzet in het spel is, wordt de beschuldiging doodslag in het verkeer, artikel 287 wetboek van strafrecht.
Doodslag in het verkeer is een zeer ernstig vergrijp. Als jij voor dit feit veroordeelt wordt, is de kans groot dat je voor een flink aantal jaren in de gevangenis beland.

Wanneer is er sprake van doodslag in het verkeer?
Op het moment dat bewezen kan worden dat jij als bestuurder door je rijgedrag een bewust risico hebt genomen om een ander van het leven te beroven.
Het gaat dus om de gedragingen die jij hebt laten zien in het verkeer. Het gaat er  niet om, dat jij geen bedoeling en geen intentie hebt gehad om iemand van het leven  te beroven.
In artikel 287 van het Wetboek van Strafrecht geldt hiervoor een maximale straf van 15 jaar. Ook is een geldboete plus een ontzegging van de rijbevoegdheid mogelijk.

Wat zijn dan voorbeelden van doodslag in het verkeer?
In het verkeer heeft (de beschuldiging) doodslag verschillende vormen.
Dit kan gaan van situaties waarbij gedragingen in het verkeer grenzen aan dood door schuld of tot een doelbewuste aanslag op iemands leven.
Deze scheidslijn is heel dun.
Een aantal willekeurige voorbeelden zijn: remmen bij bumperkleven, opzettelijk een aanrijding veroorzaken, op een ander inrijden en een achtervolging door de politie en ander gevaarlijk rijgedrag(ingen).

Remmen bij bumperkleven
Al jarenlang staat te weinig afstand houden, het bumperkleven, op plaats 1 van de ergernissen top 10 in het verkeer.
Als jij op kort afstand gevolgd wordt en je irritatiegrens wordt bereikt. Je besluit de klever even een lesje te leren door onverwachts op de rem te gaan staan.
Door deze manier kun jij een poging tot doodslag in het verkeer ten laste gelegd krijgen.
Gemotiveerd zal er dan gezegd worden dat  jij een (bewust) risico neemt om een ernstig of mogelijk dodelijk ongeval te veroorzaken.

Tevens heb ik de overtuiging gezien de grote hoeveelheid korte volgers, bumperklevers, dat niet eens bekend is wat bumperkleven is en wat de gevolgen kunnen zijn.

Opzettelijke aanrijding en of inrijden op een ander
Als de conclusie na onderzoek is dat je opzettelijk een aanrijding hebt veroorzaakt, zal een rechter niet moeilijk doen om je te veroordelen voor een poging tot doodslag in het verkeer. Dit geldt voor zowel de automobilist die bewust een andere weggebruiker van de rijbaan duwt als voor een willekeurige bestuurder van een motorvoertuig die inrijdt op een persoon.
Alleen als jij als verdachte op het laatste moment nog probeerde uit te wijken of dat de snelheid erg laag lag, kun je mogelijk een beschuldiging van (poging tot) doodslag voorkomen.

Achtervolging door de politie
Als het gebeurt, dat jij door de politie achterna gezeten wordt en jij wil koste wat het kost ontsnappen, ontstaan er waanzinnige verkeerssituaties. Hierbij kun je denken aan spookrijden, negeren van stoplichten en forse snelheidsovertredingen. Als jij als tijdens deze vlucht het risico neemt een ernstig ongeluk te veroorzaken, dan heet dit voorwaardelijke opzet en is dus een (poging tot) doodslag vaak snel geconcludeerd. Dit gaat ook gelden als er helemaal geen ongeval heeft plaatsgevonden.

Gevaarlijk rijgedrag
Er zijn ook omstandigheden waar gevaarlijk rijgedrag kan leiden tot een poging doodslag in het verkeer.
Hierbij kun je denken aan het met hele hoge snelheid door een woonwijk rijden.
Met alcohol op achter het stuur kruipen.
Nadat er winterse neerslag is geweest op hoge snelheid ‘driftend’ door een bocht gaan op een drukke verkeersweg.
Samengevat: Wanneer rijgedrag dusdanig gevaarlijk is dat hierdoor een dodelijk ongeval zou kunnen ontstaan, kan in theorie de beschuldiging: poging tot doodslag in het verkeer ten laste gelegd worden.

Conclusie:
Gedragingen in het verkeer hoe klein kunnen grote gevolgen hebben. Er is niemand die op een bepaald moment in de auto stapt en het voornemen heeft, om iemand een (zwaar) ongeluk te laten overkomen. Wat een grote rol speelt zijn gedragingen die vertoond worden op de weg en die vertaald worden door mede weggebruikers en de politie.
Hiermee is de scheidslijn tussen het per ongeluk veroorzaken van een ongeval naar het opzettelijke veroorzaken van een ongeval een hele dunne geworden.
Je maakt als bestuurder door gedragingen te vertonen in het verkeer je afhankelijk van mede weggebruikers en politie als deze beoordeeld worden omdat aan je gedrag een groot gevolg zit.
Heb jij doordat je te snel rijdt, door rood rijdt en of rijgedrag wat niet acceptabel is een ongeval veroorzaakt of laten veroorzaken, dan kun je wel met hele grote consequenties te maken krijgen. Dit kan je hele leven, je blijven achtervolgen op welke manier dan ook.
Ik denk dat je dat niet moet willen. Het hoeft ook niet. Als jij voldoende kennis hebt over de verkeersregels en fatsoensnormen in het verkeer, dan ben je al een heel eind op weg.
Helaas zit opvoeding momenteel nog niet in verpakt in de rijopleiding, maar via rijles.tips, kun je binnenkort deze wel volgen.

Dato Kolk
Redacteur